Heden en verleden.
De Cocksdorp in het noorden is het jongste dorp van Texel. Het dorp ontstond in 1835 bij het haventje, dat zich bevond op de plaats waar de Roggesloot uitmondde in het Eierlandse Gat. Het dorp heette aanvankelijk Nieuwdorp, maar werd al na een paar maanden vernoemd naar N.J. de Cock.
De Cock was een tijdens de Belgische opstand (1830 - 1839) naar Rotterdam uitgeweken Antwerpse reder, die met anderen de 'Sociëteit van Eigendom van Eierland' heeft opgericht. Deze combinatie van ondernemende heren kocht in 1835 van de Staat het kwelderland ten oosten van de Zanddijk tussen het 'oude land' van Texel en het eiland Eijerland. Zij legden met behulp van 1500 arbeiders in de korte tijd van twintig weken een elf kilometer lange dijk aan, waardoor het 'buitenveld', een gedeeltelijk met zoutminnende planten begroeid wadgebied, tegenwoordig bekend als de Eierlandse polder, bedijkt werd.
Al in 1841 werd de Hervormde kerk van De Cocksdorp in gebruik genomen. In de kerk is een rijk gesneden eikenhouten preekstoel uit de eerste helft van de 17e eeuw aanwezig. Deze is afkomstig uit een Engelse kerk in Den Haag, die in 1822 buiten gebruik gesteld werd. In 1877 werd de huidige R.K.-kerk van De Cocksdorp in gebruik genomen.
De inpoldering van Eierland zorgde voor een grote hoeveelheid extra landbouwgrond. De boeren die zich in de nieuwe polder vestigden kwamen uit verschillende streken in Nederland en zelfs daarbuiten. De namen van sommige boerderijen herinneren hier nog aan, bijvoorbeeld 'Breda', 'Zeeland', 'Rotterdam' en 'Lou Christi'. In Eierland is een groot aantal oorspronkelijke boerderijen vervangen door nieuwbouw, omdat veel gebouwen tijdens de Georgische opstand verwoest zijn. Toch wijst de bouwstijl van sommige boerderijen nog op de afkomst van de boeren.

Het water tussen Texel en Vlieland is erg gevaarlijk, doordat verschillende sterke stromingen daar samenkomen. Regelmatig kwam daardoor een schip in moeilijkheden. Het grote aantal strandingen op de kust van Texel (72 in de periode 1848 - 1860) was aanleiding voor de toenmalige notaris van Texel om actie te voeren voor de bouw van een vuurtoren. Deze vuurtoren werd in 1864 op de noordpunt van Texel gebouwd. In april 1945, tijdens de opstand van de Georgiërs, werd de vuurtoren zwaar beschoten. Een aantal Georgiërs had zich in de vuurtoren verschanst, waarna deze door de Duitsers onder vuur werd genomen. De vuurtoren werd zo zwaar beschadigd, dat de oorspronkelijk kegelvormige toren voorzien werd van een cilindervormige ommanteling.
Door de groei van de hoeveelheid toeristische accommodatie in het noorden van het eiland, biedt het dorp een ander aanzien en werkgelegenheid aan een groot aantal mensen. Niet alleen in de bungalowparken in de omgeving, maar ook in nevenbedrijven in en rond het dorp.
Vanaf paal 33 nabij de vuurtoren vertrekt de boot naar Vlieland, die alleen in het toeristenseizoen vaart. De boot zet de passagiers af op de zandplaat in het zuiden van Vlieland en van daaruit wordt men met een oude legertruck verder vervoerd.
In de polder Eierland ligt het internationale vliegveld 'Vlijt'. Bij de opening in juni 1937 werd een directe luchtverbinding Texel-Schiphol in gebruik genomen. Op deze lijn werd twee maal per dag gevlogen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog verdween deze verbinding en na de oorlog is deze niet meer van de grond gekomen. Het vliegveld beschikt over start- en landingsbanen van gras. Hoewel dit beperkingen oplevert voor het gewicht van de toestellen, heeft dit voor veel mensen zijn charme.
Momenteel is het Texelse vliegveld het middelpunt van veel activiteiten. Behalve door aankomst en vertrek van diverse sportvliegtuigen uit binnen- en buitenland, heerst er bedrijvigheid van rondvluchten, parachutisten, zweefvliegtuigen, reclamevluchten en helikopters die de booreilanden in de Noordzee bevoorraden. De exploitatie van het vliegveld is in handen van een overheids-n.v.; de N.V. Luchtvaartterrein Texel.
Opvallend in de polder Eierland is het Moai-beeld bij atelier/galerie de 'Eiland Galerij' aan de Postweg. Deze grote stenen Moai-beelden komen voor op Paaseiland. Dit eiland in de Stille Oceaan werd in 1722 ontdekt door de ontdekkingsreiziger Jacob Roggeveen, die destijds van de rede van Texel vertrokken was. De eigenaar van de 'Eiland Galerij' heeft een bijzondere interesse in Paaseiland en heeft daarom de, uit 1972 daterende, vriendschapsbanden nieuw leven ingeblazen. Hij heeft onder andere een Paaseilander beeldhouwer gevraagd op Texel een Moai-beeld te maken. Daarmee is dit beeld het enige Moai-beeld buiten Paaseiland.