Oosterend
Terug
Heden en verleden.
Omgeven door kleine straatjes staat midden in dit dorp de oudste kerk van Texel, die eens aan Sint Maarten gewijd was. Er zijn aanwijzingen dat het oudste deel van de kerk reeds in de 12e eeuw gebouwd moet zijn. De toren is jonger, maar nog wel Romaans van stijl. Belangwekkend in deze Hervormde kerk is een houten schot in het portaal onder de toren, waarop honderden zogenaamde 'huistekens' gekerfd zijn. Het is niet exact bekend wat de bedoeling van deze tekens is. Misschien zijn ze gemaakt door wachtende kerkgangers, die op deze manier probeerden de tijd te korten. Een andere verklaring is dat men hier als het ware zijn handtekening zette voor het gebruik van gemeenschapsgronden buiten het dorp. De huistekens zijn waarschijnlijk in de 18e eeuw ontstaan. In de periode 1968-1971 werd de kerk grondig gerestaureerd en zoveel mogelijk teruggebracht in de staat waarin zij in de 17e eeuw verkeerde.

Rond de kerk groeide het dorp, waarbij een vreemd stratenpatroon ontstond, bepaald niet berekend op het huidige verkeer. Op tal van plaatsen in het dorp zijn de opvallende huizen met de houten topgevels door particulieren fraai gerestaureerd. Ook de Stichting Dorpsherstel houdt zich hiermee bezig. De stichting zet zich in voor het behoud van karakteristieke en beeldbepalende panden. Zij koopt de panden op en verkoopt deze weer na restauratie. Uiteraard worden de interne voorzieningen wel aangepast aan de moderne eisen. Naast Oosterend heeft ook het buurtschap Oost met zijn authentieke huizen haar uitstraling behouden.
Van oorsprong is Oosterend een agrarisch dorp. Op de hogere gronden vestigden zich boeren die zich, zo dicht bij zee wonend, ook met de visvangst moeten hebben bezig gehouden. Ook de walvisvaart was hier niet onbekend. Hoewel Oosterend niet direct aan zee ligt, is de bevolking nu nog voor een groot deel afhankelijk van de visvangst. In 1890 woonden 69 eigenaren van blazers (houten scheepjes) in Oosterend tegen 44 in Oudeschild. Opvallend was dat de grotere blazers toebehoorden aan Oosterenders, die dikwijls de Noordzee bevisten en van maandag tot zaterdag buitengaats bleven.
Een zeer korte periode heeft Oosterend een eigen haven in de onmiddellijke nabijheid gehad. De haven lag ter hoogte van de ijzeren kaap, nu gelegen aan het einde van de Oostkaap.
In 1843, een periode van grote belangstelling voor de oester, wist een aantal inwoners van Oosterend te bereiken, dat dicht bij hun dorp een speciale haven voor de oestervangst werd aangelegd. Al snel daarna zette de teruggang van de oestervangsten in en was het lot van de haven bezegeld. In 1852 werd geen geld meer beschikbaar gesteld voor onderhoud en in 1859 werd de haven buiten gebruik gesteld door de zeedijk weer zijn oude vorm te geven.
Naast een Hervormde kerk heeft Oosterend een R.K.-kerk uit 1905, een gereformeerde kerk uit 1897 en een kerk van de gereformeerde gemeente. Deze laatste is gevestigd in een voormalige school in de Schoolstraat. De Doopsgezinde vermaning is gerestaureerd en wordt als muziekcentrum gebruikt. Een enkele maal wordt er nog een kerkdienst gehouden.
Al snel na de inpoldering van het Noorden in 1876 werd begonnen met de bouw van een molen die moest zorgen voor de afwatering van de polders het Noorden, Waal en Burg, de Eendracht en gedeeltelijk Eierland. In 1913 werd een motorgemaal in gebruik genomen en fungeerde de molen nog slechts als reservegemaal. In 1970 werd de molen definitief buiten gebruik gesteld en werd in eigendom overgedragen aan de vereniging 'De Hollandsche Molen'.