VOCTot het einde van de 16e eeuw was de Nederlandse handel vooral gericht op de Oostzee. Goederen uit Indië werden gekocht van Portugese kooplieden, die vooral leverden via de haven van Antwerpen. Door de oorlog met Spanje kwam hier verandering in. Spanje en Portugal sloten een verbond en tegelijkertijd werd Antwerpen veroverd door de Spanjaarden. De aanvoer van producten uit het Verre Oosten stokte, waardoor steeds meer plannen ontstonden om zelf 'op de Oost' te gaan varen. ![]() De rede van Texel was al in de 15e eeuw een begrip. Schepen die vanuit plaatsen aan de Zuiderzee vertrokken, gingen op de rede van Texel voor anker om bij gunstige wind uit te varen naar de Oostzeelanden, Frankrijk, Spanje, Portugal en later ook Oostindië. Vooral in de 17e en 18e eeuw was het een drukte van belang op de rede van Texel. Schepen werden geladen en gelost; Texelse loodsschepen en bevoorradingsbootjes voeren af en aan en op de dijk bekeken voorbijgangers de bedrijvigheid. Op 24 december 1593 vond een bekende storm plaats op de rede van Texel toen ongeveer 150 schepen op gunstige wind lagen te wachten. Enkele schepen sloegen van hun ankers en ramden andere schepen. Vierenveertig koopvaardijschepen vergingen en ongeveer duizend mensen verdronken. De bekende Amsterdamse graanhandelaar en dichter Roemer Visscher was een van de reders die veel schade leed. Zijn jongste dochter die enkele maanden na de ramp werd geboren noemde hij daarom Maria Tesselschade. Maria Tesselschade werd een bekend dichteres en werd de Muze van de Muiderkring genoemd. Bij de kruising Schansweg/Zuidhaffel ligt het zogenaamde 'Galgenlandje'. Hier stonden vroeger galgen waaraan misdadigers werden opgehangen. De galgen waren vanaf de rede van Texel zichtbaar en golden zo als waarschuwing voor de bemanning aan boord van de schepen daar. Tevens werden de galgen gebruikt als bakens voor de zeelieden. ![]() Het beloodsen van schepen als bestaansbron voor de inwoners van Den Hoorn ontstond in de bloeitijd van de VOC. In het jaar 1783 werden bij Texel nog 1805 schepen beloodst. Aan deze bestaansbron kwam vrij snel een einde na de aanleg van het Noord-Hollands kanaal (1819 - 1824) en het Noordzeekanaal (1865 - 1875). Bovendien werd in het midden van de 19e eeuw voor het zeegat van Texel een rijksloodsdienst ingesteld. In 1938 bouwde het Nederlandse leger een uitkijkpost op het Loodsmansduin. Het Molengat, het water tussen Texel en de zandplaat De Razende Bol (ook Noorderhaaks genaamd), moest beschoten kunnen worden om de haven van Den Helder te kunnen verdedigen. Op het Loodsmansduin werd de commandopost van de batterij Den Hoorn gevestigd. De kanonnen stonden opgesteld in het iets noordelijker gelegen gebied, de Bollekamer. De batterij is als een van de laatste voorbeelden van Nederlandse vestingbouw tot Provinciaal Monument verklaard en in 1994 gerestaureerd. In de bunker die de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog hebben gebouwd, is een gedeelte afgesloten om als overwinteringsplaats voor vleermuizen te dienen. In deze ruimte is de temperatuur gelijkmatig en de luchtvochtigheid hoog. |











